Nederlands geneuzel Nederlands geneuzel

Nederlands geneuzel

Opinie 9 maart 2016 - 03:35 uur Redactie 0

Afgelopen vrijdag kwam de nieuwste reeks van House of Cards online voor Netflix abonnees en mensen zoals ik, die andere bronnen hebben. De succesvolle culthit over de gewetenloze politicus Frank Underwood wordt inmiddels ingehaald door de werkelijkheid met de bijna absurdistische voorverkiezingen voor de presidentskandidatuur, maar de serie blijft verslavend. Dat was al zo met de oorspronkelijke Britse TV series gebaseerd op de boeken van Michael Dobbs, waar ik destijds al idolaat van was. Net als van A Very British Coup, een andere Britse televisieserie over hoe een democratisch gekozen premier door krachten van binnenuit machteloos blijkt.

Eerder was ik al fan van Yes, Minister (en het vervolg “Yes, Prime Minister”). Dat waren dan wel comedy series, maar ook die gaven een fascinerend inkijkje in het politieke en ambtelijke bedrijf. Het waren de favoriete series van Margaret Thatcher die ooit in een interview subtiel te kennen gaf dat de werkelijke Britse politiek verdacht veel leek op de fictieve wereld van Jim Hacker en Sir Humphrey Appleby. De Britse politiek was ook het toneel van het bijtende en satirische The New Statesman van Rik Mayall, en het iets mildere maar niet minder satirische The Thick of It, met de huidige Doctor Who, Peter Capaldi in de rol van Malcolm Tucker, de vuilbekkende kabinetssecretaris.

Politiek leent zich uitstekend voor televisiedrama. Lange tijd konden we al genieten van The West Wing over machtsspelletjes in het Witte Huis. Sinds een aantal jaren zijn daar series als Madam Secretary, Veep (losjes gebaseerd op “The Thick of It”) en het al genoemde “House of Cards” bij gekomen. Ook buiten de Angelsaksische wereld wordt uitstekend politiek drama gemaakt. Ik kijk met veel plezier naar het Deense Borgen en sinds kort naar Occupied (Okkupert) uit Noorwegen. Beide series worden internationaal verkocht, ook aan de BBC en Amerikaanse zenders, en daar heel goed ontvangen ondanks de lastige Scandinavische taal en de afkeer van het Angelsaksisch publiek voor ondertiteling.
In televisiedrama wordt het persoonlijke politiek en politieke persoonlijk, de publieke zaak en het openbaar bestuur is een dankbaar schouwtoneel voor het verbeelden van het grote verhaal van de mens, het aangaan en verbreken van vriendschappen, relaties en het doen van zaken voor het algemene belang en privébelang. De politiek als snelkookpan voor de samenleving is briljant voor drama. Dat is natuurlijk niet iets van de laatste tijd, het is de oorsprong van het toneel in het antieke Griekenland. Door middel van toneel en fictieve tragedies en komedies werden actuele politieke conflicten inzichtelijk gemaakt en becommentarieerd. Hetzelfde kan gezegd worden van de historische tragedies van Shakespeare die in de 16e eeuw ook de politiek van zijn tijd becommentarieerden.

Het werkt nog steeds. Behalve dan in Nederland. Sinds kort loopt bij de NPO de serie Het Land van Lubbers over de regeerperiode van de voormalig premier en het is wederom een wonderlijke mislukking, zoals eerdere Nederlandse series over politiek en vorstenhuis die de omroep uitzond. Of het nu gaat om Joop den Uyl en Affaire Lockheed, over de Koningen van Oranje of de totaal mislukte serie De Fractie, het wil maar niet spannend worden of een wezenlijk verhaal vertellen. Het blijft allemaal oppervlakkig, slecht geschreven, matig geacteerd en bovenal kneuterig en Nederlands geneuzel dat vooral heel dicht op de actualiteit moet zitten of werkelijk gebeurd moet zijn. Nu is de Nederlandse politiek oersaai en degelijk geneuzel over details, waar het echte drama ver te zoeken is. Grote kwesties zijn er amper en als ze er wel zijn worden ze weggemoffeld en verdoezeld onder dekens van wollige politiek correctheid, vage poldercommissies en werkgroepen die alle scherpe randjes van elk maatschappelijk debat van te voren wegvijlen. Dan blijft er voor de schrijvers van drama ook niet veel meer over dan geneuzel in de marge.

In “Het land van Lubbers” wordt dat wel pijnlijk. Zo moeten we geloven dat de premier destijds op het idee van het akkoord van Wassenaar kwam door de leraar van zijn dochter en door een bisschop werd geadviseerd over de plaatsing van kruisraketten. En dat alles verteld door twee verschillende acteurs die niet eens de moeite doen om op elkaar te lijken. De vorm van een oudere politicus in ruste die het nog één keer uitlegt aan een gezelschap studenten en de quasi documentaire beelden is al vreemd, maar het werkt ook niet. Geen moment geloof je de vertellende Huub Stapel. En geen moment geloof je de gedramatiseerde herinnering. Het tijdsbeeld klopt niet, de chronologie deugt niet en de dialogen zijn eigenlijk tenenkrommend slecht.

Het gebrek aan echt drama hoeft natuurlijk nog niet te betekenen dat de schrijvers van televisiedrama zich dan ook niet hoeven in te spannen om toch iets moois te maken. Als de Denen en Noren het kunnen, dan moet het hier ook mogelijk zijn. Zelfs met minimale middelen en een beperkt aantal locaties kun je schitterend drama maken, zoals bijna alle genoemde series laten zien. Het staat of valt met goede scripts, met goede geloofwaardige karakters en intriges gespeeld door goede acteurs. Die laatste lopen er in Nederland meer dan voldoende rond, aan het eerste schort het behoorlijk. Het blijft allemaal een beetje Nederlands geneuzel.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *