Column: ‘Decibellen in Noordenveld’ Column: ‘Decibellen in Noordenveld’

Column: ‘Decibellen in Noordenveld’

Opinie 9 december 2015 - 14:37 uur Richard 0

Normaliter doe ik dit niet. Schrijven over de lokale politiek, over onderwerpen die in onze gemeenteraad aan de orde zijn: ik doe het niet.

Dat heeft een hele simpele reden: ik zit te dicht op het vuur en ik heb een partijpolitiek belang. Sommige lezers zullen het misschien wel weten, ik maak er ook geen geheim van, maar ik ben actief lid van Gemeentebelangen, zit in de steunfractie, ik vertegenwoordig de fractie bij allerlei bijeenkomsten en ik ben redacteur van de nieuwsbrief van de vereniging. Niet alleen heb ik in die hoedanigheden dus een partijdige blik, het zou ook niet goed zijn voor de reputatie van deze nieuwssite, als een soort spreekbuis van…

Collega columnist Geert Willems in “De Krant” gaat daar als PvdA lid wellicht iets makkelijker mee om, maar ik wil de dingen graag een beetje gescheiden houden. Dus ik heb het op deze plaats in principe niet over gemeentepolitiek. Dit is dan wel Roden Actueel, maar de wereld is groter dan Roden en ook heel luidruchtig. Dat laatste speelde vorige week in de gemeenteraad een belangrijke rol en daar ga ik het nu voor de verandering eens wél over hebben. Het kan nu, omdat de stemming is geweest en het beleid is vastgesteld. Maar ik ben de afgelopen week ook meermalen gevraagd hoe het nu zit, want de van de berichtgeving in de media werd men niet wijzer. Nu ja, het beleid is vastgesteld maar het heeft wel de nodige voeten in de aarde en hakken in het zand gehad, te beginnen bij de voorgeschiedenis.

Het ging allemaal om het evenementenbeleid. De gemeente had sinds de herinrichting nog geen gemeentebreed evenementenbeleid. De vergunningverlening voor evenementen was een ad hoc bevoegdheid van het college, zonder dat die zich op een beleidsstuk kon beroepen. Meer dan wettelijke beperkingen hadden de wethouders en burgemeester niet in acht te nemen, en in elk van de drie voormalige gemeenten waren andere regelingen en tradities. Om dat allemaal een beetje te harmoniseren, de voorwaarden te versoepelen en de vergunningverlening te vergemakkelijken is een geïntegreerd gemeentelijk evenementenbeleid een nuttig gereedschap. Zowel voor de uitvoering bij de gemeente, als bij de organisaties van evenementen zou het beleid de dingen moeten vereenvoudigen. De verantwoordelijk wethouder Auwema ging de boer op, sprak met organisatoren, horeca ondernemers, belangenverenigingen en timmerde een stuk in elkaar om alle ideeën bij elkaar te brengen. Hij was er trots op. Maar hij had ook ondervonden dat er nogal wat uiteenlopende visies leefden. Wat is er dan beter om de politiek een uitspraak te laten doen? Op zich een redelijke vraag, maar daar was lang niet iedereen het mee eens. De overheersende mening in de raad was dat dit een bevoegdheid van het college was en moest blijven. Ik vond dat raar. Dit is nu bij uitstek een politiek onderwerp waar iedereen in de gemeente wel een mening over heeft, iedereen wel over mee wil en kan praten en waar in de openbaarheid een politiek debat over gevoerd kan worden. De fractie van Gemeentebelangen stond achter haar wethouder en heeft het presidium uiteindelijk kunnen bewegen om het evenementenbeleid samen met de noodzakelijke wijzigingen in de APV op de raadsagenda te krijgen.

Discussies

De behandeling zou in eerste instantie nog voor de zomervakantie en dus voor de Rodermarkt plaatsvinden. Door allerlei andere dringende kwesties waar tijdsdruk op stond werd het echter steeds weer vooruitgeschoven. Dat had tot gevolg dat, zonder dat het beleid was vastgesteld, de Rodermarkt bij wijze van proef al onder het nieuwe regime zou worden gehouden. Dat heeft menig raadslid tijdens de feestweek geweten… Ook ikzelf heb toen menige discussie gevoerd over de vervroegde sluiting van de traditionele “Nacht van Roden”. Want dat was in eerste instantie toch het allergrootste discussiepunt: de sluitingstijden. Die had de Rodermarkt immers nog nooit gehad… En waarom nu opeens wel, wat een onzin… Het waren uiteraard vooral de feestvierders die je daarover in negatieve zin hoorde. De bewoners van het dorpscentrum konden het verschil met eerdere jaren goed merken, voor hun in positieve zin. Ook de organisaties waren eigenlijk allemaal wel goed te spreken over het nieuwe beleid. Het leek er dus op dat de eerste test redelijk was doorstaan.

Voor de behandeling in de raadscommissie kwamen er andere belanghebbenden in beeld, ditmaal voornamelijk in Norg. In eerste instantie was men daar ook al behoorlijk kritisch over de sluitingstijden. Waarom zou Roden tot 3.00 uur ‘s nachts door mogen gaan en moesten zij in het beleidsstuk om 1.00 ‘s nachts al sluiten? ‘Gelijke monniken, gelijke kappen’ was het argument. Dat argument werd snel van tafel geveegd, want van gelijke monniken is echt geen sprake. De feestweek in Norg is een ontzettend leuk feest en verdient alle steun, maar het is zeker niet hetzelfde als de Rodermarkt. Qua omvang, regionale uitstraling, traditie en het aantal belanghebbenden is het onvergelijkbaar. De uitzonderlijke status van de Rodermarkt in het beleid is best te rechtvaardigen. Bij de ingediende zienswijzen zat echter ook een andere mening van een campingeigenaar die beweerde omzetverlies te leiden door overlast van de zomerse feestweek. Met name geluidsoverlast door de harde muziek laat op de avond was blijkbaar voor veel campinggasten een reden om weg te blijven. Gelijktijdig lag er van de organisatie van de feestweek een verzoek aan de raad om juist een uurtje langer door te mogen gaan. Met honderden steunbetuigingen op Facebook (potentiële kiezers!) voor een uur langer feest in Norg zaten de partijen in de raad en met name de coalitiepartijen in een moeilijke spagaat. Ten eerste was de overweging dat als Norg een uur langer mag, dan moet het ook in Peize een uur langer mogen, want dat is wél een zeer vergelijkbare monnik, die een vergelijkbare kap moet hebben en geen enkele partij wil de Peizer bevolking van zich vervreemden. Maar ook het belang van een individuele ondernemer die overlast ondervind moet gewogen worden. De vergadering in de raadscommissie spitste zich vooral toe op dat probleem, en dan met name het aantal decibellen dat de openluchtpodia in Norg produceren.

Gehoorschade

Toen werd een ander argument uit de hoge hoed getoverd: gehoorschade. Luide muziek veroorzaakt tinnitus, doofheid, gehoorschade en op termijn ook daarmee samenhangende hoge maatschappelijke kosten, werd er geopperd. In twee termijnen raadscommissie kwam men er niet uit, dus werd de discussie vorige week in de raadsvergadering voortgezet. In de tussenliggende tijd werd door de coalitie gepoogd om te komen tot een amendement om het aantal decibellen te beperken. En dan niet alleen voor Norg, maar voor de hele gemeente. In plaats van de voorgestelde maximale 90 dbA op de gevel, zou het naar 85 dbA op twee meter van de bron moeten, in de hele gemeente. En dan zou in ruil daarvoor tijdens de feestweek van Norg (en Peize) de bierpomp een uur langer mogen stromen. Dat was voor een aantal coalitie-raadsleden toch te gortig, want dat zou betekenen dat op basis van 1 klacht van een campinghouder in Norg óók in Roden het geluidsniveau naar beneden moet. Grenzen aan geluid is tot daar aan toe, maar er zijn ook grenzen aan de rekbaarheid van compromissen en de bereidheid om compromissen te sluiten. Voor Jos Darwinkel en Pierre Berghuis van onze fractie was dat zeker een brug te ver (en op de achtergrond voor mij ook). Uiteindelijk, na veel gesoebat werd het amendement aangepast met 23 meter, niet langer 2 meter van de bron, maar 25 meter. Dat amendement werd door de raad aangenomen, maar Jos Darwinkel en Pierre Berghuis bleven bij de oorspronkelijke tekst in het raadsvoorstel van 90 dbA en stemden dus tegen het amendement. Dit alles in een raadsvergadering waarbij, zonder dat er werd geschreeuwd, het geluidsniveau van 90 decibel menigmaal werd overschreden…

Het is eigenlijk heel jammer dat de discussie over een beleidsstuk dat zoveel positieve elementen bevat, dat voor organisatoren van evenementen in deze gemeente eigenlijk alleen maar gemakkelijker en goedkoper maakt om evenementen te organiseren, wordt toegespitst op één feest, in één dorp in de gemeente waarbij het hele beleid wordt aangepast voor een amendement op basis van niet veel meer dan een gelegenheidsargument. Want of het nu 85 dbA of 90 dbA is, de camping is er niet mee geholpen en als je bij 90 decibel overlast ondervindt dan heb je dat ook bij 85 decibel. Ook gaat de reductie van 5 decibel geen enkele gehoorschade tegen. Want het evenementenbeleid gaat alleen over feesten en evenementen in de open lucht en feesttenten. In zalen en discotheken kan de volumeknop gewoon ver open blijven staan, en daar heeft de gemeente niets over te zeggen. Ik ben op zich niet oneens dat de overheid paal en perk stelt aan het geluidsniveau, maar daar zal dit besluit niets aan veranderen. Als er al iets aan gedaan zou kunnen worden dan is het een taak voor de Rijksoverheid met een wettelijke beperking voor alle uitgaansgelegenheden. De gemeente zal er niets aan kunnen doen. Het mag geen verrassing zijn dat ik het dus volledig met mijn “dissidente” partijgenoten Jos Darwinkel en Pierre Berghuis eens ben.

Maar… Ondanks dat alles ben ik wel tevreden dat dit stuk in de raad is behandeld, zelfs als het wat mij betreft over bijzaken ging. Wethouder Reint-Jan Auwema had wat dat betreft zeker gelijk dat het een goed onderwerp is waar de raad zich over uit kan spreken. Uiteindelijk vind de raad dat we in deze gemeente gewoon moeten kunnen blijven feesten. Ook al moet het dan uiteindelijk een paar decibellen zachter.

Deze column is geschreven door Rolf Swart. Rolf is een Rôner met een grote politieke en culturele interesse, en zal zijn visie op regelmatige basis delen met de lezers van Rodenactueel.nl. 

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *